Gestructureerde poëzie van Anneke Brassinga in een panoramische bundel waarin gezocht wordt naar een nieuwe onschuld. De dichter verkent spraakwatervallige bronnen en de paradijsontdekking, dwaalt door een tuin der lusten en reflecteert op de benauwenissen en verlokkingen van het menselijk bestaan. Samen met collega-dichter Piet Gerbrandy wisselt Brassinga van gedachten en declareert liefde aan Berlijn en aan Het, een Zich bezingende toon die rondgaat door wie ooit fermgeworteld was. In onvindbare tuinen achter de Schaarse Bergen, het decor van haar jeugd, komt het verloren geluk aan het licht. Deze bundel biedt een glimp van een zoektocht naar nieuwe onschuld in taal en ervaring.
Inhoud
In deze panoramische bundel zoekt Anneke Brassinga naar een nieuwe onschuld in het spraakwatervallige en de bronnen van het paradijs. Ze dwaalt door de ?tuin der lusten nou nee? ? want zijn we daarin geen gevangenen, tot de dood erop volgt? Met collega-dichter Piet Gerbrandy wisselt ze lyrisch van gedachten over de benauwenissen en verlokkingen van het menselijk bestaan; ze verklaart haar liefde aan Berlijn, en aan het Zich bezingende Het. In onvindbare tuinen achter de Schaarse Bergen, het decor van haar jeugd, komt zowaar het verloren geluk aan het licht.
Kenmerken
- Panoramische poëzie
- Lichtvoetige dialogen met Piet Gerbrandy
- Liefde voor Berlijn en Het
- Filosofische zoektocht naar onschuld
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: