Rudolf Hagenaar (1927, Soerabaja – 2006, Goes) werkte van 1954 tot zijn pensioen als tekenleraar op het Goese Lyceum in Zeeland. Zijn hele leven tekende en schilderde hij, maar hij exposeerde lange tijd niet omdat hij niet wou schilderen om te verkopen. Na een modernistische opleiding in Amsterdam en een periode waarin hij oude meesters – van Caravaggio tot Vermeer – navolgde, ontwikkelde hij in het begin van de jaren zeventig een eigen stijl van figuratie. Zijn geïsoleerde mensfiguren en klassieke bouwwerken zijn teruggebracht tot hun meest pregnante aanwezigheid, met een duidelijk volume dat scherp afgetekend is in de omringende ruimte. Deze overweldigende aanwezige vorm roept vragen op over de intentie: gaat het om volmaakte proporties en schoonheid, of klinkt hier de wind van de tijd door? Het werk wordt beschreven als een combinatie van vervoering en het oude leed van de eindige werkelijkheid in de blik van de ogen. Jan Stassen, die Hagenaar van nabij volgde, beschreef hem als de heldere belichting van “de sfinx van Goes.”
Kenmerken van het werk
- Geïsoleerde mensfiguren
Kenmerken van het werk
- Klassieke bouwwerken
Kenmerken van het werk
- Figuratieve stijl met duidelijke volumes
Kenmerken van het werk
- Vragen oproepend door voorstelling en ruimte
Invloed en evaluatie
- Invloed van moderne opleiding en oude meesters
Productspecificaties
| EAN |
|
|---|---|
| Maat |
|
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: