Dit album, uitgebracht in 2003, brengt cellist Pieter Wispelwey en pianist Dejan Lazic samen in een intense dialoog tussen cello en piano binnen het idioom van de twintigste-eeuwse klassieke muziek, vaak geassocieerd met het modernisme en het laatromantische na-ijlen. De werken van Dmitri Sjostakovitsj, Sergej Prokofjev en Benjamin Britten tonen een breed palet aan expressie: van introspectieve lyriek en bittere ironie tot motorische ritmiek en vervreemdende harmoniek. De opname legt de dramatische contrasten en de veelkleurige klankwereld van deze componisten helder bloot, met een opvallende balans tussen structuur en emotionele geladenheid. Wispelwey’s benadering kenmerkt zich door een uitgesproken verhalende toon en grote dynamische reikwijdte, terwijl Lazic met verfijnde articulatie en ritmische alertheid een gelijkwaardige, kamermuzikale partner is. Samen benadrukken zij zowel de poëtische als de theatrale kanten van deze sonates, waarbij de spanningsopbouw en de plotselinge wisselingen in karakter exemplarisch zijn voor de Europese kunstmuziek van de vorige eeuw. De combinatie van deze drie componisten op één cd onderstreept hun verwantschap in intensiteit en originaliteit, maar ook hun onderlinge stilistische verschillen, en maakt het album tot een compacte reis door de expressieve mogelijkheden van de moderne cellosonate.
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: