La Bohème
Uitgelicht
|
13,46 |
Naar shop
|
|
14,95 |
Naar shop
|
Beschrijving
In La Bohème, Hollandse kunstenaars in Parijs 1866-1874 wordt een levendig en indringend beeld geschetst van het onconventionele leven van jonge kunstenaars die hun geluk beproeven in het bruisende Parijs. Dit boek, geschreven door Tiny de Liefde-van Brakel, biedt een unieke kijk op de artistieke gemeenschap van Hollandse schilders die zich in de romantische wereldstad vestigden tijdens een belangrijke periode van creativiteit en verandering.
De kunstenaars
Centraal staan vier schilders: Jacob Maris, Frederik Hendrik Kaemmerer, David Adolphe Constant Artz en Matthijs Maris. Deze vrienden kwamen in de jaren zestig van de negentiende eeuw naar Parijs, op zoek naar inspiratie, liefde en succes. Via brieven aan mecenas Jan Kneppelhout schetst Artz het dagelijkse leven van de kunstenaars, die omringd worden door musici, kunsthandelaren en kunstliefhebbers. Hun leven in La Bohème is een mix van armoede, vriendschap en artistieke groei, waarbij ze elkaar steunen en motiveren in hun zoektochten.
Armoede en creativiteit
De kunstenaars leven in bescheiden omstandigheden en zijn vaak financieel afhankelijk van ondersteuning. Ondanks de uitdagingen van het leven in Parijs, waaronder de bloedige Frans-Duitse oorlog en de daaropvolgende Commune, blijven ze vastberaden werken. Jacob Maris richt zich op het schilderen van 'Italiennes', jonge meisjes in traditionele Italiaanse klederdracht, terwijl Kaemmerer zich verder ontwikkelt aan de Academy des Beaux-Arts en schildert prachtige strandgezichten van Scheveningen. Artz vindt zijn inspiratie in Hollandse onderwerpen en Matthijs Maris creëert sprookjesachtige, symbolistische werken die de tumultueuze sfeer van de stad vastlegden.
Het einde van een tijdperk
De artistieke bloei vindt zijn climax, maar is van tijdelijke aard. In 1871 besluit Jacob Maris terug te keren naar Den Haag, en Artz verlaat Parijs voor goed. In de zomer van 1873 vinden hij en Kaemmerer nieuwe inspiratie in het vissersdorpje Katwijk aan Zee. Dit dorp transformeert in een kunstenaarsplaats, waar schilders uit binnen- en buitenland zich vestigen, en zo ontstaat een nieuwe, creatieve gemeenschap.
Conclusie
Met La Bohème duikt de lezer in de fascinerende wereld van jonge Hollandse kunstenaars in Parijs tussen 1866 en 1874. Dit boek biedt niet alleen historische inzichten, maar roept ook de sprankeling op van de artistieke geest die de stad doordrenkte. Het is een ode aan de vrijheid, creativiteit, en de onwrikbare band tussen de kunstenaars in een turbulente periode. De Liefde-van Brakel biedt hiermee een waardevolle bijdrage aan het begrip van de kunstgeschiedenis en de ontwikkeling van de kunstenaarsgemeenschap in Parijs.
In La Bohème, Hollandse kunstenaars in Parijs 1866-1874 wordt een levendig en indringend beeld geschetst van het onconventionele leven van jonge kunstenaars die hun geluk beproeven in het bruisende Parijs. Dit boek, geschreven door Tiny de Liefde-van Brakel, biedt een unieke kijk op de artistieke gemeenschap van Hollandse schilders die zich in de romantische wereldstad vestigden tijdens een belangrijke periode van creativiteit en verandering.
De kunstenaars
Centraal staan vier schilders: Jacob Maris, Frederik Hendrik Kaemmerer, David Adolphe Constant Artz en Matthijs Maris. Deze vrienden kwamen in de jaren zestig van de negentiende eeuw naar Parijs, op zoek naar inspiratie, liefde en succes. Via brieven aan mecenas Jan Kneppelhout schetst Artz het dagelijkse leven van de kunstenaars, die omringd worden door musici, kunsthandelaren en kunstliefhebbers. Hun leven in La Bohème is een mix van armoede, vriendschap en artistieke groei, waarbij ze elkaar steunen en motiveren in hun zoektochten.
Armoede en creativiteit
De kunstenaars leven in bescheiden omstandigheden en zijn vaak financieel afhankelijk van ondersteuning. Ondanks de uitdagingen van het leven in Parijs, waaronder de bloedige Frans-Duitse oorlog en de daaropvolgende Commune, blijven ze vastberaden werken. Jacob Maris richt zich op het schilderen van 'Italiennes', jonge meisjes in traditionele Italiaanse klederdracht, terwijl Kaemmerer zich verder ontwikkelt aan de Academy des Beaux-Arts en schildert prachtige strandgezichten van Scheveningen. Artz vindt zijn inspiratie in Hollandse onderwerpen en Matthijs Maris creëert sprookjesachtige, symbolistische werken die de tumultueuze sfeer van de stad vastlegden.
Het einde van een tijdperk
De artistieke bloei vindt zijn climax, maar is van tijdelijke aard. In 1871 besluit Jacob Maris terug te keren naar Den Haag, en Artz verlaat Parijs voor goed. In de zomer van 1873 vinden hij en Kaemmerer nieuwe inspiratie in het vissersdorpje Katwijk aan Zee. Dit dorp transformeert in een kunstenaarsplaats, waar schilders uit binnen- en buitenland zich vestigen, en zo ontstaat een nieuwe, creatieve gemeenschap.
Conclusie
Met La Bohème duikt de lezer in de fascinerende wereld van jonge Hollandse kunstenaars in Parijs tussen 1866 en 1874. Dit boek biedt niet alleen historische inzichten, maar roept ook de sprankeling op van de artistieke geest die de stad doordrenkte. Het is een ode aan de vrijheid, creativiteit, en de onwrikbare band tussen de kunstenaars in een turbulente periode. De Liefde-van Brakel biedt hiermee een waardevolle bijdrage aan het begrip van de kunstgeschiedenis en de ontwikkeling van de kunstenaarsgemeenschap in Parijs.