Gisteren droomde ik dat een dj was
Uitgelicht
|
17,06 |
Naar shop
|
|
18,95 |
Naar shop
|
Beschrijving
Wie zich waagt aan de poëzie van Frank Báez (Santo Domingo, 1978) betreedt een wereld waarin tragiek en komedie hand in hand gaan. In zijn schijnbaar autobiografische gedichten geeft hij de stem aan een jonge eilandbewoner die het verlangen voelt om de wijde wereld in te trekken en kunstenaar te worden. In zijn werk resoneert de wanhoop van een jongeman die zich herinnert: “ik herinner me dat ik / zo wanhopig was dat ik zelfs / als een verstekeling / had meegewild op de eerste boot die afmeerde.” Deze woorden vormen de kern van zijn zoektocht naar vrijheid en zelfontdekking, tussen de drang om te ontsnappen en de band met zijn eiland in de Caribische Zee.
Doorheen zijn gedichten verkent Báez verschillende werelden. Hij neemt ons mee op zijn reizen naar steden en landschappen zoals Chicago, Egypte en de Middellandse Zee. Elke locatie wordt zorgvuldig opgenomen in het universum van de verteller, die verlangt naar een groots en meeslepend leven, maar toch voortdurend teruggrijpt naar zijn roots. De strijd tussen deze twee werelden schept een onmiskenbare spanning in zijn poëzie, die tegelijk getuigt van nostalgie en ambitie.
Een terugkerend motief in Báez' werk is de pier, het water en de kade. Hij reflecteert op de tijd en de veranderingen die ermee gepaard gaan: “We zijn allebei ouder geworden, maar ondanks het voorbijgaan van de tijd blijf ik naar deze pier komen om met je te praten met dezelfde onschuld van toen ik nog een jongen was en over je stranden liep en een schelp oppakte en hem naar mijn oor bracht en jij voor het eerst tegen me sprak.” Hierin ligt een diepe emotie geworteld, een verlangen naar de eenvoud en de schoonheid van de kindertijd, evenals de onwetendheid die daarmee gepaard gaat.
Frank Báez' poëzie is niet enkel een verslag van zijn eigen ervaringen maar ook een venster naar een universum waarin velen zich kunnen herkennen. Zijn woorden resoneren met de lezers, ongeacht hun achtergrond, en nodigen uit tot reflectie over identiteit, verlangen en de invloed van de tijd. Met vertalingen door Bas Nieuwenhuijsen en Luc De Rooy, biedt deze bundel een toegankelijke en meeslepende kennismaking met de rijke stem van Báez. Met een voorwoord van Carlos Manuel Álvarez wordt zijn werk extra geplaatst in een bredere context, waardoor de impact en de diepgang van zijn poëzie nog verder versterkt worden.
Wie zich waagt aan de poëzie van Frank Báez (Santo Domingo, 1978) betreedt een wereld waarin tragiek en komedie hand in hand gaan. In zijn schijnbaar autobiografische gedichten geeft hij de stem aan een jonge eilandbewoner die het verlangen voelt om de wijde wereld in te trekken en kunstenaar te worden. In zijn werk resoneert de wanhoop van een jongeman die zich herinnert: “ik herinner me dat ik / zo wanhopig was dat ik zelfs / als een verstekeling / had meegewild op de eerste boot die afmeerde.” Deze woorden vormen de kern van zijn zoektocht naar vrijheid en zelfontdekking, tussen de drang om te ontsnappen en de band met zijn eiland in de Caribische Zee.
Doorheen zijn gedichten verkent Báez verschillende werelden. Hij neemt ons mee op zijn reizen naar steden en landschappen zoals Chicago, Egypte en de Middellandse Zee. Elke locatie wordt zorgvuldig opgenomen in het universum van de verteller, die verlangt naar een groots en meeslepend leven, maar toch voortdurend teruggrijpt naar zijn roots. De strijd tussen deze twee werelden schept een onmiskenbare spanning in zijn poëzie, die tegelijk getuigt van nostalgie en ambitie.
Een terugkerend motief in Báez' werk is de pier, het water en de kade. Hij reflecteert op de tijd en de veranderingen die ermee gepaard gaan: “We zijn allebei ouder geworden, maar ondanks het voorbijgaan van de tijd blijf ik naar deze pier komen om met je te praten met dezelfde onschuld van toen ik nog een jongen was en over je stranden liep en een schelp oppakte en hem naar mijn oor bracht en jij voor het eerst tegen me sprak.” Hierin ligt een diepe emotie geworteld, een verlangen naar de eenvoud en de schoonheid van de kindertijd, evenals de onwetendheid die daarmee gepaard gaat.
Frank Báez' poëzie is niet enkel een verslag van zijn eigen ervaringen maar ook een venster naar een universum waarin velen zich kunnen herkennen. Zijn woorden resoneren met de lezers, ongeacht hun achtergrond, en nodigen uit tot reflectie over identiteit, verlangen en de invloed van de tijd. Met vertalingen door Bas Nieuwenhuijsen en Luc De Rooy, biedt deze bundel een toegankelijke en meeslepende kennismaking met de rijke stem van Báez. Met een voorwoord van Carlos Manuel Álvarez wordt zijn werk extra geplaatst in een bredere context, waardoor de impact en de diepgang van zijn poëzie nog verder versterkt worden.
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: