EXACTEMENT
Uitgelicht
|
44,99 |
Naar shop
|
|
48,99 |
Naar shop
|
Beschrijving
Bol
Begin jaren zestig ontmoette Byard Lancaster op het Berklee College of Music een aantal eigenzinnige vrienden: Sonny Sharrock, Dave Burrell en Ted Daniel. Het is niet moeilijk te begrijpen waarom hij al snel in de free jazz terechtkwam. Toen hij zich eenmaal in New York had gevestigd, trad hij op met het Sunny Murray Quintet, opgenomen onder leiding van de drumgekke collega van Albert Ayler. In 1968 nam de saxofonist en fluitist zijn eerste album onder eigen naam op: It’s Not Up To Us. Het jaar daarop kwam hij naar Parijs in het kielzog van… Sunny Murray. Hij zou in 1971 terugkeren naar Frankrijk (opnieuw met Murray) en in 1973 (voor de verandering zonder Murray). Dit is het moment waarop hij Jef Gilson ontmoette, de pianist en producer die hem aanmoedigde om weer onder zijn eigen naam op te nemen. Op Palm Records (het label van Gilson) zou hij vier albums uitbrengen: Us, Mother Africa, Exactement en Funny Funky Rib Crib. Voor de opname van "Exactement" waren twee studiosessies nodig: op 1 februari en 18 mei 1974 – tussen die twee data nam Lancaster samen met Clint Jackson het uitstekende "Mother Africa" op. Op de hoes van "Exactement" staan twee namen: Lancaster (Byard) en Speller (Keno). Byard Lancaster wilde nauwkeurig zijn en wisselde regelmatig van instrument: eerst op piano, het eerste instrument dat hij leerde spelen. Op "Sweet Evil Miss Kisianga" is zijn inspiratiebron in de eerste plaats Coltrane (ook al neigt hij meer naar Alice dan naar John), dit luidt de storm in die nog zou volgen. Het is Lancasters spel op de hoorn dat echt opvalt: op de alt (waarvan de klank in één nummer, "Dr. Oliver W. Lancaster"), of op de sopraansaxofoon, maar ook op de fluit of de basklarinet, bewandelt de muzikant een koord en haalt hij het maximale uit alle risico’s die hij neemt. Hij benut het volledige register van zijn instrumenten en speelt speels met de mogelijkheden. Vervolgens roept Lancaster de geest op van Ornette Coleman, Eric Dolphy en zelfs Prokofiev, alvorens een dans aan te gaan met Keno Speller op percussie. Bovenal heeft hij een unieke klank. Byard Lancaster raakt, op welk instrument hij ook speelt en door voortdurend te zoeken, altijd de juiste noot… speelt uiteindelijk precies de noot die hij moest spelen.
Begin jaren zestig ontmoette Byard Lancaster op het Berklee College of Music een aantal eigenzinnige vrienden: Sonny Sharrock, Dave Burrell en Ted Daniel. Het is niet moeilijk te begrijpen waarom hij al snel in de free jazz terechtkwam. Toen hij zich eenmaal in New York had gevestigd, trad hij op met het Sunny Murray Quintet, opgenomen onder leiding van de drumgekke collega van Albert Ayler. In 1968 nam de saxofonist en fluitist zijn eerste album onder eigen naam op: It’s Not Up To Us. Het jaar daarop kwam hij naar Parijs in het kielzog van… Sunny Murray. Hij zou in 1971 terugkeren naar Frankrijk (opnieuw met Murray) en in 1973 (voor de verandering zonder Murray). Dit is het moment waarop hij Jef Gilson ontmoette, de pianist en producer die hem aanmoedigde om weer onder zijn eigen naam op te nemen. Op Palm Records (het label van Gilson) zou hij vier albums uitbrengen: Us, Mother Africa, Exactement en Funny Funky Rib Crib. Voor de opname van "Exactement" waren twee studiosessies nodig: op 1 februari en 18 mei 1974 – tussen die twee data nam Lancaster samen met Clint Jackson het uitstekende "Mother Africa" op. Op de hoes van "Exactement" staan twee namen: Lancaster (Byard) en Speller (Keno). Byard Lancaster wilde nauwkeurig zijn en wisselde regelmatig van instrument: eerst op piano, het eerste instrument dat hij leerde spelen. Op "Sweet Evil Miss Kisianga" is zijn inspiratiebron in de eerste plaats Coltrane (ook al neigt hij meer naar Alice dan naar John), dit luidt de storm in die nog zou volgen. Het is Lancasters spel op de hoorn dat echt opvalt: op de alt (waarvan de klank in één nummer, "Dr. Oliver W. Lancaster"), of op de sopraansaxofoon, maar ook op de fluit of de basklarinet, bewandelt de muzikant een koord en haalt hij het maximale uit alle risico’s die hij neemt. Hij benut het volledige register van zijn instrumenten en speelt speels met de mogelijkheden. Vervolgens roept Lancaster de geest op van Ornette Coleman, Eric Dolphy en zelfs Prokofiev, alvorens een dans aan te gaan met Keno Speller op percussie. Bovenal heeft hij een unieke klank. Byard Lancaster raakt, op welk instrument hij ook speelt en door voortdurend te zoeken, altijd de juiste noot… speelt uiteindelijk precies de noot die hij moest spelen.
Fnacorigineel album - Verschenen op 03/07/2026 - bij SOUFFLE CONTINU RECORDS
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: