De roman « De man die alles zag » placeert de kleurrijke kunstenaarsscene van de grimmige jaren tachtig centraal en volgt een groep vrienden die uitgroeit tot een meeslepende, hooggestemde en duistere vertelling. René Huigen schetst daarin een caleidoscopische maar persoonlijke kijk op het einde van de twintigste eeuw, en onderzoekt wat de geschiedenis vol roerige gebeurtenissen op dat tijdstip precies betekende. In een speelse openingsscène maakt de lezer kennis met Huigen zelf terwijl hij zijn nieuwe typemachine uitprobeert; direct wordt zijn hoofd en dagelijks leven overspoeld door herinneringen, interacties met kleurrijke figuren uit het verleden en de spanning tussen verleden en heden. De roman verweeft alledaagse beslommeringen met herinneringen, zonder afstand te nemen, en beschrijft indringend van binnenuit de excessen en opwellingen van toen en de mogelijke gevolgen daarvan. Zal het verleden hem inhalen of niet? Juist door dat ongrijpbare blijft dit boek lastig weg te leggen en zeker herleeswaardig. Renée Huigen (auteur) – Verschenen op 19/08/2021 bij De Bezige Bij.
Inhoud
René Huigen vertelt een caleidoscopische en persoonlijke vertelling over de kunstscene op de valreep van de twintigste eeuw, waarin een groep vrienden centraal staat en de grenzen tussen werkelijkheid en herinnering vervagen. Een humoristische openingsscène introduceert de schrijver zelf terwijl hij zijn typemachine uittest, waarna de lezer het dagelijkse leven binnenstapt en geconfronteerd wordt met belangrijke figuren uit het verleden. De roman onderzoekt hoe de excessen en lichtgeraakte opwellingen van toen mogelijk doorwerken in het heden, en of het verleden uiteindelijk inhaalt wat nu nog ongrijpbaar lijkt.
Kenmerken
- Kleurrijke artistieke scene van jaren tachtig
- Caleidoscopische, persoonlijke vertelling
- Historisch en psychologisch perspectief op eind twintigste eeuw
- Intertekstuele verwijzingen naar bekende figuren uit de scène
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: