Corruptie en corruptiebestrijding in Suriname
Corruptie vormt wereldwijd één van de grootste bedreigingen voor de rechtsorde. Het is een fenomeen dat niet alleen de particuliere sector maar ook de overheid treft, en het komt regelmatig in het nieuws. Hoewel corruptie door de eeuwen heen heeft bestaan, is de wereldgemeenschap pas sinds de Tweede Wereldoorlog gericht aandacht gaan besteden aan de bestrijding ervan. De problematiek is niet beperkt tot één land; ook Nederland heeft zijn deel van schandalen gekend.
In 1970 onthulde een breed samengesteld opsporingsapparaat een omvangrijk netwerk van corruptieve praktijken in Nederland, waarbij respectabele instituten zoals banken, advocaten en notarissen betrokken waren. Ze waren ongewild deel van een keten die corrupt verdiende inkomsten via witwaspraktijken legaliseerde. Het onderzoek dat de gemeente Amsterdam in 2019 instelde, bevestigde dat corruptie, ondanks diverse maatregelen zoals de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme, nog steeds welig tiert. Bovendien bleek dat druggerelateerde criminaliteit een steeds integralere rol binnen de corruptiecultuur speelde.
De auteur van dit werk, André Haakmat, heeft na zijn promotie aan de Open Universiteit op 29 november 2022 onvermoeibaar onderzocht hoe deze rechtsstaatontwrichtende situaties zijn ontstaan, zowel in Nederland als in Suriname. Na de brutale executie van 15 prominente Surinamers door een militaire junta eindigde de ontwikkelingshulp uit Nederland, waardoor Suriname verviel in de greep van de Colombiaanse cocaïnemaffia. Deze maffia bood al snel aan om de wegvallende hulp te compenseren, mits Suriname diende als een drugsdoorvoerland naar Nederland.
In zijn onderzoek onderzocht Haakmat tevens de historische roots van corruptie in Suriname. Hij concludeert dat dit probleem, dat alle lagen van de Surinaamse samenleving raakt, niet voortvloeit uit de Nederlandse koloniale geschiedenis, zoals vaak wordt gedacht, maar diepgeworteld is in de eigen Surinaamse context.
André Haakmat, geboren in 1939 in Paramaribo, heeft een rijke loopbaan. Na zijn middelbare studies verhuisde hij naar Nederland voor een studie rechten en economie. Tijdens zijn terugkeer naar Suriname na de staatsgreep van 1980, diende hij als vicepremier en minister in de Regering-Chin A Sen II, terwijl hij in Nederland onder andere in de kinderbescherming werkte, lesgaf als leraar economie en uiteindelijk strafrechtadvocaat werd.
Met een uitgebreide en diepgaande analyse biedt dit boek niet alleen inzicht in de problematiek van corruptie in Suriname, maar ook in de bredere context van machtsmisbruik en de gevolgen daarvan voor de rechtsstaat.
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: