Passage is het achtste studioalbum van de Carpenters en verscheen op LP in 1977. Het album markeert een duidelijke breuk met de kenmerkende popballads van het duo en zoekt meer naar de grenzen van het popgenre, met invloeden uit country, latin en zelfs symfonische muziek. Voor de opnames koos Richard Carpenter bewust voor andere invalshoeken en arrangementen, wat resulteerde in rijke en gevarieerde producties. Zo werden orkestrale arrangementen uitgevoerd door de Los Angeles Philharmonic in samenwerking met de Engelse dirigent en arrangeur Peter Knight. Een opvallende eigenschap is dat Karen Carpenter op dit album geen drums speelt. Passage werd geprezen om zijn ambitie en vernieuwingsdrang, met een productie die gepolijst is en waarin Karens vocale kracht en expressiviteit een constante blijven, terwijl Richards arrangementen en keyboardspel zorgen voor een herkenbare basis. Ondanks de gedurfde koerswijziging kende het in de Verenigde Staten minder commerciële succes dan eerdere albums, maar geldt het nog altijd als een van de meest eigenzinnige werken uit het oeuvre van de Carpenters. Het album is voornamelijk pop, met uitlopen naar diverse andere stijlen.
Belangrijkste kenmerken
- achtste studioalbum van de Carpenters
- Uitgebracht als LP in 1977
- Nieuwe richting: pop met country, latin en symfonische invloeden
- Orkestrale arrangementen door Los Angeles Philharmonic met Peter Knight
- Karen speelt geen drums op dit album
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: