Sinds de decolonisatie presenteren het FMI en de Banque mondiale zichzelf als architecten van het Afrikaanse ontwikkelingsverhaal. Dit boek biedt een kritische analyse van hun beleid en de effecten op het continent, aan de hand van casestudies – waaronder Ghana. Het belicht de paradoxen van een ontwikkeling die wordt opgelegd: macroeconomische stabilisatie gepaard met armoede die aanhoudt, schulden als instrument van afhankelijkheid, kwetsbare publieke diensten en een verkleinde nationale soevereiniteit. Verder onderzoekt het de sociale geheugen, de wantrouwen tegenover internationale beleidslijnen en de vraag naar wegen voor een Afrikaanse ontwikkeling die meer vanuit het eigen landschap komt. Centraal staan de ideeën van een strategische staat, voedselsoevereiniteit en industriële macht als basis voor duurzame groei, en investeringen in sociale kwesties als hefboom voor emancipatie. De auteurs, Oumarou Sanda Awal en met Voorwoord door Emmanuel Caulier, bieden een kritisch perspectief op wat er al is gebeurd en wat er mogelijk is als Afrika meer eigen regie neemt. Het boek werd op 26/03/2026 gepubliceerd door Lhoven? L'Harmattan.
Kernpunten
- Kritische analyse van FMI en Banque mondiale op Afrika.
- Casestudie Ghana belicht beleidsparadoxen.
- Stabilisatie vs. aanhoudende armoede en schuldendruk.
- Verlies van publieke diensten en beperkte soevereiniteit.
- Toekomstige weg: endogene ontwikkeling, staatsstrategie en sociale investeringen.
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: