Na een indrukwekkend dienstverband van bijna dertig jaar heeft prof. mr. L. (Lodewijk) J.J. Rogier op 28 november zijn afscheid genomen van de Erasmus School of Law. Ter gelegenheid van dit afscheid werd het symposium 'Handhaven in de grote stad' georganiseerd. Deze titel weerspiegelt Rogiers langdurige interesse in de handhaving van de openbare orde en de verbinding tussen bestuursrecht en strafrecht, een thema dat ook terugkomt in zijn afscheidsrede.
Het thema van de afscheidsrede
Rogiers afscheidsrede, getiteld "Bestuursrecht of strafrecht. Instrumentaliteit of moraliteit?", richt zich op de vraag of de ernst van de gedragingen waarop de overheid reageert met handhavingsmaatregelen niet te veel op de achtergrond is geraakt. Dit ten koste van de instrumentele en inwisselbare functie van bestuursrecht en strafrecht. Rogier bespreekt deze kwestie aan de hand van drie probleemvelden: prostitutie, drugs en verkeer.
Scheiding van bestuursrecht en strafrecht
In het verkeersrecht blijkt dat het strafrecht vooral wordt gekozen voor ernstige gedragingen, waarbij bestuursrecht en strafrecht zoveel mogelijk gescheiden blijven. Deze scheiding wordt opnieuw benadrukt in het kader van 'hufterovertredingen' en zou ook doorgetrokken moeten worden bij het alcoholslotprogramma.
Het drugsbeleid
Wat betreft het drugsbeleid is er al een verschuiving naar het strafrecht zichtbaar. Wanneer de bestuurlijke aanpak nog een rol speelt, veroorzaakt dit vaak verwarring. Rogier stelt voor dat het repressieve optreden, zoals het sluiten van panden en intrekken van vergunningen bij drugshandel op grote schaal, volledig door justitie en de strafrechter moet plaatsvinden. Dit zou de ernst van de gedragingen nog eens extra onderstrepen.
Prostitutie en handhaving
Ook in het domein van prostitutie pleit Rogier ervoor dat repressieve maatregelen tegen vrouwenhandel, prostitutie onder dwang en van minderjarigen, uitsluitend door justitie en de strafrechter moeten worden uitgevoerd. Dit zou ervoor zorgen dat er een duidelijke lijn wordt getrokken en dat ernstige gedragingen niet worden gelegitimeerd door het bestuur.
Conclusie
Rogier roept op tot een herziening van de rol van justitie bij ernstige gedragingen en stelt dat het bestuur zich zou moeten terugtrekken van deze verantwoordelijkheden. Dit biedt niet alleen helderheid, maar onderstreept vooral de morele afkeuring van deze gedragingen, waardoor er een krachtige boodschap wordt afgegeven over de waarden die in de samenleving moeten worden gehandhaafd.
Dit boek is een waardevolle bijdrage aan het debat over het raakvlak tussen bestuursrecht en strafrecht en biedt inzicht in de handhaving van de openbare orde in complexe, stedelijke contexten.
Prijshistorie
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: